Feed on
Posts
Comments

kamp Almere_5

Potasch: “Weet je nog: de tijdelijke onderkomens van de ex-KNIL-Molukkers, die barakken waren tijdelijk, want eens, ooit, zouden ze terugkeren naar een vrij Maloekoe Selatan, de vrije Zuid-Molukken, d.w.z. onafhankelijk van de republiek Indonesia. De nasleep van ‘de Punt’ is momenteel in volle gang.”

Perlemoer: “Nota bene. Het aantal Molukkers was bekend, de instroom eenmalig en de relatie met koloniaal Nederland evident. Dat waren bovendien overwegend gelovige christenen en oud-KNIL-militairen, die Nederlands spreken. Althans de eerste generatie was merendeels christen. Degenen die nu binnenkomen zijn moslim of van een andere denominatie – ik weet niet wat Eritreeërs zijn..? Behalve lethargisch, werkloos en wanhopig dan, natuurlijk.”

Potasch: “Eritreeërs zullen wel moslim zijn, denk ik. Soennieten, sjiieten, salafist, wahabi, aleviet, misschien een enkeling soort van joodse denominatie. Ik heb geen idee. Wat de huidige politici zijn, weet ik trouwens heel goed: labbekakken. Daar bedoel ik mee: onbetrouwbare, incompetente, streberige en arrogante karakters.”  EBpotaschenperlemoer

Perlemoer: “Nou, nou, nou, je bent wel erg hard hoor. Deze politici zijn wel degelijk toch ook filosofen? Ze benadrukken de tijdelijkheid van het verblijf van de instromers, en alles is tijdelijk, zelfs deze politici gaan ooit dood en worden vergeten. Maar inderdaad, vooralsnog veroorzaken zij een hoop narigheid en commotie in ons tijdelijke, dat is waar.”

Tja, een permanente tijdelijkheid. Daar moet je voor de polletiek in. Orwelliaanse Newspeak.

Potasch: “Een geniaal specimen vind je bij de PvdA. De PvdA-er Diederik Samsom geeft opnieuw blijk van zijn brille en onverwoestbare enorme politieke talenten. Hij stelt met aplomb dat Nederland 200.000 (tweehonderdduizend) vluchtelingen in 2016 kan opvangen, daar is volgens Samsom draagvlak voor, maar niet als het er 300.000 worden. Dit, na alles wat hij Nederland al heeft aangedaan door zich met huid en haar aan de neoliberale VVD uit te leveren!
Waarom mag die man eigenlijk nog iets zeggen, zonder dat er steeds nadrukkelijk bij vermeld wordt dat alles wat meneer Samsom debiteert op persoonlijke titel geschiedt en niets met het merk PvdA te maken heeft? Wil de PvdA nog dieper de prut in, of denken ze daar: het maakt allemaal toch niets meer uit?”

Perlemoer: “Inderdaad, uiterst vreemd. Het bevestigt het beeld van een politieke club die stuurloos en gedesoriënteerd ronddobbert. Ik vermoed dat de PvdA-bobo’s, dus de zittende plucheklevers en hun onmiddellijke clientèle, dat die voor zichzelf proberen te redden wat er te redden valt en dat Samsom vanuit dat perspectief af en toe nog mag nareutelen.
Immers, in dit geval, zegt Samsom: er kunnen meer migranten bij, en PvdA-kroonprins Lodewijk Asscher zegt: NEEN, dat kan niet. Tenzij. Enzovoorts. Ik word er onwijs onwel van, dit soort politieke pseudo-slimmigheidjes, maar goed, zo vinden zij blijkbaar dat het ‘spel gespeeld moet worden’, denk ik.

Potasch: “Dus Asscher ‘profileert zich’ – brrrrrrr …. – zowel ten opzichte van Samsom – zie je wel: er mag volop verschil van inzicht binnen de partij bestaan – en schurkt meteen tegen de VVD’er Halbe Zijlstra en diens kompaan Wilders aan. Die zeggen immers: grenzen dicht.”

Perlemoer: “Of er meer, minder of geen asielzoekers meer bijkomen, daar hebben noch Samsom noch Rutte, noch welke andere Nederlandse politicus ook maar iets over te zeggen. Het zijn ledepoppen, die als zodanig zijn onderkend, als zodanig worden beschouwd en behandeld door de grote jongens. Als die lui hun grote salarissen plus de toeslagen en weet ik al niet wat, eindelijk eens eerlijk gingen verdienen, wat zeg je daar van?”

Potasch: “Tja, dat zou hoog tijd worden. Wie gelooft nog wat politiek poppetje A, B of C beweert, vindt, wil of denkt? Ik al lang niet meer. Iemand als Samsom wordt toch door niemand serieus genomen? Dat mogen we tenminste hopen. De man lanceert deze oprisping in een nieuwsluwe tijd en alle media plaatsen zijn boer, maar het maakt de PvdA alleen maar nog ongeloofwaardiger, indien dat nog zou kunnen.
De Trouw van 12 september 2015 heeft Samsom nog pontificaal op de voorpagina met de tekst: ‘Ik wil premier worden’. Je gelooft het gewoon niet. Ach, we leven in een vrij land. ”

Perlemoer: “Afgelopen week had ik het met Angelo over geloofwaardige romanpersonages. We kwamen op dat onderwerp via de roman ‘Judas’ van Amos Oz en ‘Onderworpen’ van Michel Houellebecq. Angelo zei, meen ik, dat de werkelijkheid te fictief wordt om romanpersonages neer te kunnen zetten die nog enigszins geloofwaardig in fictie kunnen figureren.”

Potasch: “De werkelijke personages plagiëren fictionele karakters, zo formuleert Angelo dat geloof ik. Stel, je wilt een onbetrouwbare politicus neerzetten in een roman. Onbetrouwbare politicus is al geforceerd, want een tautologie en pleonasme tegelijk, maar goed. Je ontwerpt daartoe een personage dat zijn kiezers verraadt door andere verwachtingen bij die kiezers te wekken dan hij waar maakt. Zijn politieke merk dat in de peilingen op bijna nul stond, maakt door zijn optreden spectaculaire furore en komt op de tweede plek uit de verkiezingen. Eenmaal gekozen, maakt deze schlemiel gemene zaak met de politieke concurrent, de tegenpartij dus. Zijn kongsi medeplichtigen is trouwens net zo ruggengraatloos, want die hobbelt mee. Zij hebben immers een verduiveld goed betalende baan met positieve perspectieven.
Dit personage verraadt door zijn handelwijze tevens de ideologie waar zijn partij van oudsher voor staat en laat de echte, de trouwe, partijleden in hun hemd staan. Als slagroom op de pudding laat je dit romanpersonage, dat een gezin heeft, het aanleggen met zijn secretaresse en die affaire loopt op een dubbele mislukking uit: zijn echtgenote scheidt van hem en de secretaresse smeert ‘m naar Washington waar ze onder het bureau van een andere partijbobo gaat stofzuigen.
Hij verraadt dus: 1) zijn kiezers, 2) zijn partij en haar gedachtengoed, 3) zijn gezin. Dat wordt te veel verraad voor een geloofwaardige roman. Toch?”

Perlemoer: “Hmmmm, ja, het ligt er allemaal te dik bovenop, hè. Het niveau van het verraad is bovendien erg provinciaals; zo van-dik-hout-zaag-ik-planken. Geen subtiele rapier, geen sierlijke fiolen met vilein gif, maar de botte bijl. Het totaal wordt haast melodramatisch, zeker wanneer je het gezin van die figuur bovendien afschildert als alleszins kwetsbaar en dit romanpersonage zo neerzet dat hij niet schroomt om dat kwetsbare gezin te gebruiken in zijn verkiezingscampagne, teneinde het publiek te bespelen.
Dat maakt zo’n figuur voor mij als personage een complete flapdrol. Maar het is een fictieve creatie, want in werkelijkheid komt deze combinatie van karakterkenmerken en handelwijzen natuurlijk bijna niet voor. Of, de media verdunnen het sterk. Behalve in Amerika misschien, maar daar is dit soort gedrag al lang standaard. Daarom zijn de twee beste romans – vind ik tenminste – onlangs door een Israëli (Amos Oz, met ‘Judas’) en een Fransman (Michel Houellebecq, met ‘Onderworpen’) geschreven, niet door een Angelsaksische auteur.”

Potasch: “De roman van Oz deed mij beseffen dat de rol van Israël bij dit gedoe in Syrië totaal onder de radar blijft. Syrië grenst echter aan Israël en net als het wahabi koningshuis van Saoedi-Arabië, heeft Israël geen enkel belang bij een Islamitische Staat in de regio. Met de Saoedi en de andere corrupte Arabische regimes hebben de Israëlische politici geen moeite, want die hebben geen principes behalve dollars, maar een IS, een kalifaat, dat op godsdienstige leest is geschoeid en bloedserieus fundamentele waarden belijdt, dat wordt penibel voor Israël. Dat trouwens over kernwapens beschikt. Dit moeten we ook niet vergeten. Daarom alleen al zal Iran ijverig proberen ook kernwapens te bemachtigen. Het wordt dus alleen maar leuker.”  SYRIAin de regio

Perlemoer: “De Amerikanen en de Russen treden beiden op als handlanger, als proxy, voor een Arabische bobo. De Amerikanen waarschijnlijk voor zowel de Arabische koninklijke kliek als voor de Israëli. Rusland bombardeert in naam voor de Syrische machthebbers (de clan van Assad, die veel duur Russisch wapentuig afneemt en test), maar Rusland bombardeert in de eerste plaats om de Amerikanen dwars te zitten en tevens de EU een spaak in het wiel te steken. De vluchtelingen stromen immers vooral naar West-Europa en Poetin zegt: laat af van jullie hegemonische streven de Oekraïne onder mijn (Poetins) invloedsfeer uit te willen trekken, anders bombardeer ik de hele regio leeg en zorg ervoor dat die sloebers bij jullie de boel komen ontwrichten.

Potasch: “Vooral met Polen en Hongarije werkt die vluchtelingenstroom al aardig volgens Poetins plan: die trekken muren rond hun land op en stemmen democratisch, conservatief, anti-EU.”

Perlemoer: “Leuk hè, dat je dit plaatje vooral uit romans en niet-Nederlandse bronnen bij elkaar sprokkelt, terwijl hier een politieke hals roept om vooral méér vluchtelingen binnen te laten. Dus in feite zegt deze volkstribuun: ga maar door met bombarderen. Wij blijven wel dweilen. Hijzelf natuurlijk niet, maar het klootjesvolk dat de azc’s in de achtertuintjes krijgt.”

Potasch: “Ik vind de lezing van Oz’s ‘Judas’, zoals we dat afgelopen week hebben gedaan, verrassend. De gojim hebben de joden een zoveelste loer gedraaid door ze in de staat Israël te stoppen. Het antisemitisme in hun eigen respectieve beschaafde landen kunnen ze niet uitroeien, dus schuif de joden naar een negorij waar ze levenslang de Arabieren op hun nek krijgen. Dat houdt meteen de Arabieren bezig.”

Amos Oz voorziet zijn romanpersonages van teksten die je kant en klaar kunt gebruiken voor de huidige situatie bij ons. Neem deze passages uit hoofdstuk 25, op pagina 132-133:
<< Sjmoeël zei: ‘In de Sinaï-campagne heeft uw Ben Goerion Israël aan de staart geknoopt van twee koloniale grootmachten die gedoemd waren ten onder te gaan, Frankrijk en Engeland, en daarmee de Arabische haat tegen Israël nog verhevigd en de Arabieren er definitief van overtuigd dat Israël een vreemde eend in de bijt was, een werktuig in de handen van het wereldimperialisme.’

Wald zei: ‘Ook vóór de Sinaï-campagne waren jouw Arabieren niet bepaald smoorverliefd op Israël, en zelfs…’ exodus_movie

Sjmoeël onderbrak de oude man: ‘En waarom zouden ze verliefd op ons worden? Waarom denkt u eigenlijk dat de Arabieren niet het recht hebben zich uit alle macht te verzetten tegen vreemdelingen die hier plotseling neerstreken alsof ze van een andere planeet kwamen en hun land en hun grondgebied inpikten, velden en dorpen en steden, de graven van hun voorouders en het erfgoed van hun zonen?
Wij vertellen onszelf dat we uitsluitend hierheen zijn gekomen om te bouwen en gebouwd te worden, zoals de pioniers het noemden, om de dagen van weleer te doen herleven, om het erfgoed van onze voorvaderen te redden, enzovoorts, maar vertelt u mij maar eens of er één volk in de wereld is dat met open armen zo’n plotselinge invasie van honderdduizenden, en later zelfs miljoenen vreemdelingen zou ontvangen, die hier neerstreken uit verre landen met het zonderlinge argument dat hun heilige boeken die ze uit die verre landen hadden meegenomen hun en alleen hun het hele land beloofden?’ >>

Tja, die Arabieren hadden helaas geen Diederik Samsom die riep: laat maar komen hoor, we kunnen ze met gemak aan! Voor tien miljoen instromende joden is er draagvlak, maar het moeten er geen vijftien miljoen worden. Zoiets.”

Perlemoer: “Het wemelt van de spannende passages in ‘Judas’. Ik lees er nog zo een op pagina 173:
<< “Tussen joden en Arabieren is geen misverstand en dat is er ook nooit geweest. Integendeel. Al enkele tientallen jaren heerst er tussen hen een volkomen en volmaakte eensgezindheid: de lokale Arabieren zijn gehecht aan dit land omdat het hun enige land is, ze hebben geen ander, en wij zijn gehecht aan dit land om precies dezelfde reden. Zij weten dat wij het nooit zouden kunnen opgeven, en wij weten dat zij het nooit zouden kunnen opgeven. Het onderlinge begrip is dus kristalhelder. Er is en was geen enkel misverstand tussen ons.“ >>

De Arabieren weten drommels goed dat het om een blijvende situatie gaat, die zij – vooral de Palestijnen tegen beter weten in graag als tijdelijk blijven beschouwen. Ze kunnen haast niet anders dan zich vastklampend geloven in de permanente tijdelijkheid. Eenmaal zullen zij net als de joden terugkeren naar ‘hun’ land. Maar de joden zeggen dat het hun land is waarnaar ze terugkeerden.  stofomslag Judas_60prct
Misschien dat deze Palestijnen uit het verdrijven van de Syrische buur-arabieren enige ‘troost’ kunnen putten. Hoe zuur en ziek ook: zie je nu wat het is om door westerse imperialisten uit je land verdreven te worden? Wij mochten niet op jullie grondgebied wonen, weet je nog?”

Potasch: “Oz schildert zijn personage Sjmoeël Asj bijna als Ahasverus, de eeuwig zwervende jood, die nergens thuis is of zal zijn. Israël blijkt misschien net zo fictief als welk ander land ook. Een permanente tijdelijkheid of tijdelijke permanentie.”

Perlemoer: “Frappant, vind je niet, dat Marie-Julie en Louis-Pierre in Parijs zeggen, dat ze weliswaar bang zijn voor aanslagen, maar vooral dat die angst wortelt in een nog grotere basisangst voor wat de Franse politici eventueel nog meer aan onzalig beleid zullen afscheiden.”

Potasch: “Datzelfde kunnen wij in Nederland zeggen, dunkt mij, want de Nederlandse politici zijn ook lekker bezig. Zo’n meneer Samsom die doodleuk roept dat we, let wel: we, er nog makkelijk ettelijke tienduizenden bij kunnen hebben, heeft geen idee over wie of wat hij het heeft.
In ieder geval zijn het geen Molukkers, Surinamers, Antilianen of andere Nederlandse ex-koloniale bevolkingsgroepen. Om over ‘onze’ Marokkanen (en Turken) nog maar te zwijgen.”

 * * *

Amos Oz (2015): Judas (roman) / Amsterdam: Bezige Bij / ISBN: 978 90 234 9239 9 / NUR 302

Gerwin van der Werf: ‘Judas als de échte gelovige’ – recensie in Trouw, 14/11/2015

 

refugee-map-5

 

 

 

 

 

 

Comments are closed.