Feed on
Posts
Comments

‘Dit is een grap, camp, van Menno Tamminga,’ zegt Riekje snuivend, ‘dit is zo’n onderhuidse NRC-kritiek verpakt in een ophemelstukje en met grote, argeloze, blauwe ogen verteld. Kom nou toch! Als uitgeslapen en bonafide journalist kijk je wel uit om een minister het eerste exemplaar van een boek van jou in ontvangst te laten nemen.’

‘Niet verstandig,’ zegt Zorah instemmend, ‘zeker niet wanneer je over de personen en hun werk schrijft.’

‘Geen ouwe jongens krentenbrood, zo luidt het devies. Bewaar afstand. Tenzij je het er dik bovenop legt dat je grapjast, zoals in dit geval. “Henk en mij” ….. brrrr.’

‘Subcutane satire,’ zegt Riekje met een knipoog, ‘zo zeggen ze dat bij de prollenkrant en bij meneer Van Rijn thuis vast ook.’

Hank Camp?’ vraagt Willemijn met een vet Amerikaans accent. Ze klapt de hakken tegen elkaar: ‘Mein Kamp-fffff?’

‘Twee ministers nog wel,’ zegt Zorah gierend van de lach, ‘want Tamminga vertelt erbij dat Henk Kamp wel eens twee ministeries tegelijk bestierde. Een linker en een rechter Ministerie. Dat kunnen alleen VVD’ers op de hen eigen zwierige wijze verhapstukken. Kijk maar naar de kanjers Stef Blok en Ard van de Steur – ja van de Steur, vanwege de kaviaar en het fonds – die zijn voorwaar niet voor de poes. Sorry: de poezen, natuurlijk,’ Zorah veegt de lachtranen uit haar ogen.

‘Alleskunners, wondermensen, duizendpoten,’ Riekje steekt beide duimen omhoog, ‘Wát zeg ik: Nietzschiaanse Übermenschen, die grenzenverleggend leven! Die moeten zwaar betaald worden, want anders lopen ze weg. Naar de Markt. Ik zou zeggen: gaan! Good riddance, liever kwijt dan rijk. Dat “rijk” is leuk, hè? Zo toepasselijk, dat ik er haast on-passelijk van word. Sneue schmierders.’

‘Ja, ja,’ zegt Zorah schamper, ‘Nietzschiaanse Übermenschen, die met de verkeerde hamer epibreren, niet precies weten wat ze doen en geen idee hebben welke gevolgen hun gehamer heeft. Dat interesseert de meesten ook niet.’

“Met de boorhamer bedoel je?’ vraagt Willemijn, ‘zoals in Groningen?’

Genau … auw.’

Menschliches, aber allzú, leider,’ verzucht Riekje. ‘Diesseits von Böse und Böse … ‘

‘Zeg, die meneer Tamminga brengt het wel literaair zéér verantwoord,’ vindt Willemijn, ‘zéér bekwáááám ook, want hij kent Henk bijna, bijna, op een haar na, niet helemaal. Is dat niet riskant pikant? Je reinste suspense hoor. Een dubbele VVD-minister bijna kennen? Klinkt onwaarschijnlijk hè, want je komt zo’n pief – zeker daar in het Haagse – dan twee keer zo vaak tegen als een gewone, mono(mane) bewindspersoon.’

Unheimisch hoor,’ vindt Zorah, die rillend haar vest dichttrekt.

De vuist van de vakbond, dat allitereert als een tierelier,’ zegt Riekje, ‘bestaat zo’n boek echt. Moet je toch even googelen straks. Ik dacht dat de vakbond al heel lang geen vuist kon maken, die weten niet eens meer wat een vuist is. Dit is wel een héél subtiele grap hoor. Hij zou door een foute VVD’er kunnen zijn bedacht, deze titel.’

‘Misschien een relatie met vuistregels, vuistbijlen, lacht de vakbond misschien in zijn vuistje, of doet Henk Kamp dat stiekem … ?’ probeert Zorah, die haar lachen nauwelijks kan houden. ‘Ik moet onweerstaanbaar denken aan die spaghetti western, van Clint: A Fistfull of Dollars. Maak van dollars euri en we zijn thuis, tussen de cowboys van de vrije veemarkt.’

Willemijn: ‘Tamminga heeft als titel van zijn stukje over Henk, de vraag: “Speelt geld geen rol voor een minister?” Nou, neen en ja. Als het om andermans geld dat je als minister beheert en mag uitgeven, dan speelt geld een verdraaid grote rol. Gaat om je eigen bezoldiging, dan is geld weer helemaal niet belangrijk, want tegenwoordig krijg je daar als politiek bewindspersoon sowieso veel te veel geld voor. Je zou geld moeten toegeven om minister te mogen zijn. Vanwege de eer, het prestige en de status – en desnoods de Audi met chauffeur, vooruit. Dus in die laatste zin speelt geld dan weer wel een rol, zij het een bescheiden bijrolletje.’

‘Nu begrijp ik ook waarom het in Groningen met die huizen is gelopen zoals het is gelopen’ zegt Zorah met een hik, ‘daar was VVD’er Henk Kamp ijverig en begaan in de weer met NAM- en Shellgelden. NAM, van: nemen, nam, genomen, en hier kun je leuk op verder borduren. Doe ik nu niet, want veel Groningers voelen zich al genoeg genomen.’

‘Die PvdA’er Martin van Rijn is een loser zeg,’ moet je maar lezen wat Tamminga over hem schrijft, kàn echt niet,’  meent Willemijn, ‘tweederde van je (riante) wedde inleveren, dan móet er iets met je aan de hand zijn. Dan heb je minstens een keer te vaak je hand op een verkeerde knie gelegd. Kán bijna niet anders! Nou ja, meneer Martin zal het al directeur van hoe-heet-die-tent-ook-alweer vast heel goed doen en zijn bankrekening snel aanzuiveren en spekken.’

‘Nou, nou,’ zegt Zorah bestraffend, ‘dat vind ik heel erg kort door de bocht hoor! Waarom zouden er geen goede PvdA’ers meer zijn? Oprechte sociaaldemocraten. Het zijn intussen zeldzame exemplaren, die zwaar aan het uitsterven zijn, okay, maar toch, hier en daar scharrelt er nog wel eentje rond. Gewoon, in het wild. Neen, ik geloof dat meneer Martin van Rijn best door idealen wordt gedreven. Dat hij straks een absurd – want “marktconform” – salaris moet toucheren, zit ‘m in het foute funeste systeem: je bent een steengoede en competente peer omdát je veel geld krijgt en niet: je krijgt veel geld omdat je zo goed bent. Bizar, maar zo zit deze wereld momenteel in elkaar.’

‘Touché,’ zegt Willemijn, ‘jij hebt gelijk en ik corrigeer op Martin van Rijn. Het komt door die club waar hij bij hoort, de PvdA. Brrrr…. die kongsi onder Samsom, Spekman en Asscher, die heeft wat aangericht zeg! Verschrikkelijk!’

‘Tamminga hanteert trouwens een ijzeren logica,’ merkt Riekje op, ‘want om de kloof te dichten tussen ministers- en topambtenaar-salarissen moeten volgens hem niet de hoge ambtenaren-salarissen omlaag, maar de ministerssalarissen omhóóg. Dat is logisch. Inflatie is altijd en overal goed voor, goed voor de bloemkool, de spitskool, de boerenkool en de spruitjes en ook voor de economie en onze spaargelden. Toch?’

‘O ja, over omlaag en omhoog. Tamminga kent vast dat verhaal van het ondergoed op de vrije markt?’ zegt Zorah vragend, terwijl ze rondkijkt, ‘Neen? Jullie kennen dat verhaal niet? Ongelooflijk. Wel, ik kom op de markt bij een kraam met lingerie en ik zie dat de snoezige slipjes 15 euro kosten en de pikante hemdjes 10 euro. Ik denk: onthouden, eerst de andere boodschappen. Kom ik tegen het eind van de middag terug bij die kraam, zijn de slipjes geprijsd op 9 euro en de hemdjes op 20! Vraag ik aan de koopman hoe dat kan en wat antwoordt die met een stalen gezicht? “Mevrouw, dit is bij ons thuis heel gewoon: ’s avonds gaan de broekjes omlaag en de hemdjes omhoog.” Hoe vind je dat zeg???’

‘Zoiets kan alleen op de markt, hoor. Dat doet de marktwerking namelijk,’ zegt Riekje droog en met een wijsgerig gezicht. ‘Daar weet ik alles van. Henk Kamp vast ook.’

‘Denk niet te min over meneer Tamminga, ‘ zegt Willemijn pleitend, ‘want hij besluit met de aap en de mouw: die aap wil een loongolfje. Dat is geen apenkool, maar daar snakt Nederland volgens hem naar, een loongolfje. Iemand moet het goede voorbeeld geven. Volgens Menno Tamminga moet de poltiek het voortouw nemen. Dat klinkt haast moraliserend, zo padvinderachtig. Verricht je goede daad met het veroorzaken van een loongolfje. Een milde deining. Vast goed bedoeld, want Tamminga schrijft altijd hele knappe stukjes over gierende geldmechanieken, die ik met plezier lees. Na dit stukje met nog veel meer plezier, zo beloof ik jullie.’

‘Berengoede krant, de NRC! Nimmer Rancuneuze Camp?’

 

Comments are closed.