Feed on
Posts
Comments

door Jerry Mager
gepost op NELPUNTNL.nl d.d. 23 september 2019

 

Dat de troonrede van 17 september 2013 een plagiaat is van een Engelse blauwdruk is misschien kras gesteld, maar opperen dat de Haagse  neoliberons (klonen van neoliberalen en neoconservatieven), van VVD en PvdA zich tenminste zwaar hebben laten inspireren door de heersende Britse politieke ideeën en wanen lijkt niet overdreven. Ik licht dat hieronder toe aan de hand van een vergelijking, maar eerst over onze AOW.
Volgens de troonrede van de huidige regering van VVD en PvdA verandert de klassieke verzorgingsstaat langzaam maar zeker in een participatiesamenleving. Dat gaat helemaal vanzelf, omdat “mensen in onze huidige netwerk- en informatiesamenleving mondiger en zelfstandiger zijn dan vroeger.” Niemand kan daar iets aan doen, het is een autonoom gebeuren, dat buiten ons om plaatsvindt. Net als het smelten van de ijskap en het opwarmen van onze aarde. Zouden de wereldwijde financiële crises, inherent zijn aan deze onstuitbare vanzelfplaatsgrijpende verandering? Verandering is een gegeven en dat niemand twee maal in dezelfde rivier kan stappen, had de oude Herakleitos al in de smiezen. Dat iedereen ouder wordt – vaak in meerdere betekenissen van “ouder worden” – schijnt ook vast te staan. Vergrijzing echter lijkt in onze samenleving een steeds onwenselijker vorm van ouder worden. Pensioen gespaard te hebben, wordt eveneens in toenemende mate als onmaatschappelijk beschouwd. Stel je eens voor dat de vorige generaties géén pensioenkassen hadden opgebouwd, hoe zouden ze dan worden betiteld?

spaargeld -pensioen

“The position is like that which Socrates in Plato’s Gorgias, showed to be true of the Sophists’ conception of rhetoric: namely that it is parasitic on rational discourse in such a way that its irrational character can be shown in terms of this dependency.
This enables us to show that the sense is only apparent , in terms which are culturally relevant.
[T]o abandon the dualism of facts and decisions is not in itself to refute the idea that norms of behavior are conventional in character.”
Peter Winch (1972:15,16,57): Ethics and Action

AOW ook voor de superrijken …?
Opvallend in de troonrede is dat ook hier niet wordt gerept over de AOW-uitkeringen die zelfs puissant rijke ouderen nu nog toucheren. Hoe zou dat toch komen? We worden met solidariteit om de oren geslagen, maar solidariteit blijkt een uiterst ongrijpbaar begrip. Van sommige verworvenheden wordt schamper gesproken op de schrille toonhoogte van: eraan vasthouden en niet willen delen met anderen, terwijl andere verworvenheden – zoals AOW voor iedereen, ongeacht haar of zijn financiële omstandigheden – buiten deze discussie blijven. Hoogst merkwaardig. Blijkbaar durven de arme ouderen hun rijke soortgenoten de AOW, die de laatsten totaal niet nodig hebben, niet op de scheve situatie opmerkzaam maken en bijten liever zelf op houtje bijten dan hun kapitaalkrachtige leeftijdgenoten aan te spreken op hun gebrek aan solidariteitszin en opoffe­ringsgezindheid. Het tekent meteen de instelling van de zogenaamde volksvertegenwoordigers voor de ouderen: ze zijn er immers voor álle ouderen, dus vegen ze het OAW-thema onder het tapijt. Je zult het als ouder volk maar van dergelijke volksvertegenwoordigers moeten hebben.
Terwijl juist de herinrichting van de AOW een krachtig positief symbolisch effect, want onmiddellijk van doen hebbende met maatschappelijke saamhorigheid, zou sorteren. Toch raakt niemand aan dit onderwerp. Dit ondanks onze door de regering zo geprezen netwerk- en  informatie­samenleving, die ons zo veel mondiger zou hebben gemaakt.

Wat mij bij de tekst van deze troonrede frappeert, is dat het lijkt alsof de opstellers ervan het artikel van Ross McKibbin “Anything but benevolent: on te remodelling of the Welfare State” ernaast hadden liggen toen ze de troonrede-2013 in elkaar staken.
Een passage in de troonrede die bijna woordelijk overeenkomt met McKibbins tekst, is die waarin wordt gesproken van het regeringsvoornemen “om verschillende toeslagen en regelingen te bundelen in één huishoudentoeslag, die lager wordt naarmate het gezinsinkomen stijgt.” In Engeland gaat dat waarschijnlijk gebeuren. Maar, zo zegt McKibbin, dat zou oneerlijk zijn, want er bestaat niet zoiets als een gemiddelde toeslagontvanger, een doorsnee uitkeringesgerechtigde. Gezinnen verschillen onderling enorm in hun respectieve behoeften en laten zich onmogelijk onder een noemer vangen. De cruciale variabele waarmee volgens hem in Engeland geen rekening gehouden wordt waneer het maximumbedrag van eventuele toeslagen per gezin gelimiteerd wordt is: gezinsgrootte [mijn licht geparafraseerde vertaling; jm]. Hoe pakt dat in Nederland uit?
Bij het ongunstig stereotyperen van bepaalde bevolkingsgroepen speelt een deel van de Britse pers volgens McKibbin een onfrisse rol.

meisje met tekst over tweedehandsje en kaasstolpers  - FA_00602

“The contemporary era constantly proclaims itself as post-ideological, but this denial of ideology only provides the ultimate proof that we are more than ever embedded in ideology. Ideology is always a field of struggle – among other things for appropriating past traditions.”
Slavoj Zizek (2009:37): First as Tragedy, then as Farce

verdergaande privatisering
Nog een sterke in de troonrede betreft verdergaande privatisering van publieke diensten en taken, dit zogenaamd om de nationale solidariteit in stand te houden: “De onderlinge betrokkenheid is in ons land van oudsher sterk. Om ervoor te zorgen dat dit zo blijft, moeten we onder ogen zien dat publieke regelingen en voorzieningen aangepast moeten worden.” Hoe zouden ze dat bij de NS gestalte gaan geven? VVD’er Charlie Aptroot maakte destijds stennis over de privatisering van en bij de NS. Helaas deed meneer Aptrood dat alleen om te krijgen wat hij zelf wilde: een mooiere baan met profijtelijke perspectieven. Zijn club, de VVD, begreep het en koos ijlings eieren voor haar geld. Ze maakten Charlie burgemeester en van meneer Aptrood is daarna niets meer vernomen over die onzalige NS, die ooit van ons allemaal was.

Het rapport met de titel “Een lastig gesprek. Advies Commissie Behoorlijk Bestuur” dat werd opgesteld onder voorzitterschap van mevrouw Femke Halsema en september 2013 opgeleverd, komt het dichtste bij wat eigenlijk een grondig onderzoek naar de gevolgen van de uitgevoerde privatiseringen zou behoren te zijn. Het rapport bevestigt hetgeen voor iedereen met enig verstand en ogen in zijn hoofd al geruime tijd duidelijk is: het pseudoprivatiseren en schijnverzelfstandigen van wat qualitate qua, wezenlijke, publieke zaken zijn, werkt van geen kant. Het werkt corruptie in de hand en daarmee de verdere erosie van de maatschappelijke moraal, het maatschappelijke ethos en werkt contrair met betrekking tot de zo hevig beleden behoefte aan solidariteit. Wonderlijk toch dat dit “Advies Commissie Behoorlijk Bestuur” zo’n lauwe ontvangst ten deel in de kringen-van-diegenen-die-ertoe-doen in Nederland, net als het Rapport Wijffels, over behoorlijk bankieren. De Nederlandse pers heeft hier bergen boter op het hoofd.

Wat Britse politici doen – de crisis en misère door de bankiers aangericht, voorstellen en verkopen als een crisis van de staat en de verzorgingsstaat in het bijzonder – gebeurt ook hier en niet alleen hier. Wij betalen door onze schuld 11 miljard euro rente per jaar en “[a]ls de schuld groeit en de rente stijgt, gaat die rentelast steeds zwaarder drukken op economische groei, op betaalbaarheid van voorzieningen en op de inkomens van mensen” beweren de opstellers van de troonrede. Waarom zou dat zo moeten zijn? Wie kan ons dat haarfijn en waterdicht uit de doeken doen? De lage rente zou bijvoorbeeld nog lager kunnen worden, om maar iets te noemen en als we heel prudent geen JSF-fen zouden aanschaffen, is die 6 miljard aan bezuinigingen – die toch al even mysterieus als questieus is -waarschijnlijk helemaal niet nodig. Overigens is die JSF vooral een afleider. Terwijl iedereen zich dik maakt over schaliegasboringen en de JSF is de PvdA-staatssecretaris Sociale Zaken noest en nijver in de weer met het uitkleden en ondermijnen van sociale voorzieningen. Ik heb zelden zo’n vrouwelijke farizeeër gezien.

molentjesman over JSF en PvdA  FA_00574De troonrede heeft het in plaats van over bezuinigingen over “extra maatregelen” en dat doet direct bellen rinkelen. Bij extra maatregelen denk ik eerder aan een ferme dijk die robuust genoeg oogt, maar voor de zekerheid toch nog wat wordt opgehoogd, want je kunt niet weten. Op deze golflengte zit deze regering echter allerminst, ondanks haar gladde retoriek.

arm tegen nog armer
In Engeland, aldus McKibbin, speelt de regering de bijna-armen uit tegen de werkelijk-armen. Slachtoffer van deze aanpak is vooral de sociale woningbouw. Volgens McKibbin ligt het grote gebrek aan betaalbare sociale woningen aan de basis van de Britse sociale problematiek. New Labour heeft in dezen bergen boter op het hoofd en deed net als de Conservatieven (Tories) helemaal niets om deze problematiek aan te pakken.
Vergelijk dat met de aanpak van de VVD en de PvdA in Nederland. VVD-minister Stef Blok is enthousiast in dezelfde geest bezig die McKibbin voor Engeland beschrijft. De afgelopen toegestane huurverhoging (Van Rijn/PvdA) past daarin. Het huur betalen naar rato van inkomen, ook al woon je in dezelfde straat, in dezelfde kwaliteit huizen, zal onvermijdelijk scheve ogen veroorzaken en onderling ressentiment aanwakkeren en kweken. De Nederlandse regering is bovendien voornemens om de extra gelden die de corporatiemanagers de huurder-bewoners aftroggelen, systematisch af te romen.
De directeur-managers van woningbouwcorporaties behoren immers tot de cliëntele van het ene of andere politieke merk en zij zullen hun persoonlijke belangen eerder verbinden met degenen die ze hun baan gaf en die voor verdere promoties kan zorgen, dan dat zij het huurdersbelang laten prevaleren. In feite zijn de huidige corporatiemanagers niets anders dan uitbaters, zetbazen, die zijn aangesteld om het maximale uit de aan hen overgeleverde burgers te persen, en dat in toenemende mate.
rondb. blondine - met tekst JSF via paint - 22FIG1A
De taktiek om de werkende klasse tegen zichzelf te keren, is niet nieuw, aldus McKibbin, en het exploiteert de neiging van mensen om degenen met wie zich kunnen vergelijken eerder en meer te wantrouwen dan degenen die ver boven hen staan, die zijn immers zo onbereikbaar dat de working class niet eens denkt aan competitie met leden van die rijkere bovenlaag.
In Engeland zal dit des te meer opgaan, omdat het land nog steeds de mentaliteit van een klassenmaatschappij kent. Daarom blijven mensen – zoals trouwens ook in Nederland – keer op keer naar de stembus gaan, hoewel ze diep van binnen weten dat het voor hun situatie niets uitmaakt wie er achter de knoppen zitten en zulks in steeds mindere mate. Een benauwende en angstwekkende gedachte. We zien het momenteel in Nederland, waar nota bene een PvdA het openlijk, zonder reserve en schaamteloos met de VVD doet. Je hoeft elkaar niet voortdurend te verketteren en voor rotte vis uit te maken, maar er zijn grenzen waarbuiten zelfs een leuke zondige liefde tot klamme klefheid verwordt, zou ik menen.

“A dozen bankers have done more damage to the British economy than any number of benefit cheats could. And it is those who rely on welfare who are now paying the penalty for the bankers’misdeeds.”
Ross McKibbin op pagina 5 van de London Review of Books van 25 april 2013

wetgeving, versus akkoorden en convenanten
Een ander saillant punt in de troonrede is het verschil tussen wetgeving waar het gaat om afbouwen van de verzorgingsstaat, tegenover afspraken, akkoorden, pacten en convenanten wanneer er andere partijen in het spel zijn. De dwang van de wet versus het vrijblijvende herenakkoord. We hebben gezien en ondervonden wat heren met herenakkoorden plegen te doen.

“[A]lgemeen is bijvoorbeeld: bij wàt voor soort van mens past het, volgens de waarschijnlijkheid of noodzakelijkheid wàt voor soort van dingen te zeggen of te doen?”
Aristoteles: Poëtica, IX

“De kunst van de realistische auteur is alleen dat hij te krasse tegenspraken vermijdt, dat hij in waarnemingsvermogen niet achterstaat bij de gemiddelde waarnemer. Kortom, hij weet de indruk te wekken dat ‘het klopt’. Toch geeft hij op eenvoudige vragen geen antwoord. Zijn kunst is het scheppen van een sfeer waarin bepaalde vargen niet passen. “W.F. Hermans (1974:117): Het sadistische universum

geneuzel & pseudokeuzen
Filosoof Jean Wagemans heeft het over de retorische truc in de troonrede, die sommige maatregelen zelfs volledig laten samenvallen met hun effect. Wagemans neemt het geneuzel over solidariteit op de korrel: “Om ervoor te zorgen dat de onderlinge betrokkenheid in ons land zo sterk blijft als deze van oudsher is, zo valt te lezen, wordt ons gevraagd om onder ogen te zien dat publieke regelingen en voorzieningen moeten worden aangepast. Dus als we ons solidair opstellen, dan blijft de solidariteit in stand? Daar is geen speld tussen te krijgen.”
Deze retorische figuur domineert de troonrede. De giftigste adder onder het retorische gras is die van de zogenaamde vrije keuze. Dit venijn doordesemt het verhaal zonder echt aan de oppervlakte te komen; “ruimte bieden” en “kansen geven”, zijn misschien nog de meest herkenbare vormen. Hierbij staat het onderscheid tussen beslissing en keuze centraal: de beslissing, dat wij hebben te kiezen uit de ons voorgeschotelde opties en opgedrongen alternatieven wordt vóór ons genomen door bovenbazen (die wij nota bene democratisch hebben gekozen!). Die euro-bovenbazen in Brussel krijgen hun oekazes op hun beurt weer van hun bazen, de financiële jongens. Dat mag niemand natuurlijk officieel weten, maar mannen als Draghi, Monti en Papademos (allen van Goldmans Sachs) kwamen natuurlijk niet toevallig terecht op de plekken waar ze geparachuteerd werden. olifant met bloemetjesbehang-de treurigste visie

De nationale politici mogen en kunnen het ons alleen lastig en ongemakkelijk maken met maatregelen die direct nationaal effect sorteren, hetgeen voor ons trouwens vervelend genoeg kan zijn. Over het grote plaatje waarin hun micromaatregeltjes vallen, hebben ze geen ene hout te zeggen, dat bepalen de grote jongens van de Haute Finance. Daarom is het handig als er geen al te snuggere politici op het pluche zitten, maar tamelijk simpele zielen met een vlotte babbel en een gelikte presentatie.

Vergelijk de keuzen die we krijgen met de keuze die u bijvoorbeeld in een brillenwinkel krijgt. U wilt een rond of een ovaal montuur. Tot voor kort echter had u in nagenoeg iedere brillenwinkel (die onveranderlijk deel uitmaakt van de drie of vier grote brillenketens) slechts de keuze uit honderden rechthoekige monturen – de laatste tijd beginnen sommige brillenzaken ook rondachtige monturen te bieden. Ik herinner me de tijd van de pantalons met klokpijpen nog als de dag van gisteren en van de colberts met die belachelijk brede operette-revers en overhemden met lubberende lelkragen. Je kon uit honderden kleuren en vele materialen kiezen, maar de beslissing dat de machines afgesteld werden op klokpijpproductie en brede revers was genomen en daaraan kon je niets doen. Tenslotte had je ooit kleding nodig. Foei, dat was pas afzien!

De keuzen die we volgens de troonrede krijgen voorgeschoteld, worden ons door de strot geduwd met de globale financiële crisis en de vergrijzing als grote stok achter de deur. Wij hebben eigenlijk helemaal niets te kiezen en we mogen o zo dankbaar zijn dat de regering de volgens haar voor ons meest profijtelijke opties op een rijtje zet. Laten we dus in godsnaam niet dwars doen en dankbaar zijn dat we tenminste nog surrogaat-pseudo-keuzekansen krijgen. Het doet een beetje denken aan meneer Ford, die beweerde dat zijn klanten uit alle kleuren Ford konden kiezen, zo lang het maar zwart was.2, kleiner - man blauwe blazer, met tekst, plaatje via PAINT

Europa, alweer gekidnapt
De passage in de troonrede over de invloed van ontwikkelingen in de EU op “de economische, sociale en politieke toekomst van ons land” behoort tot dezelfde truken-categorie. Dat die ontwikkelingen in de EU iedere lidstaat raken, staat als een paal boven water, maar het zijn natuurlijk de politici – of wat inmiddels daarvoor doorgaat en zich als zodanig afficheert – van de respectieve lidstaten die die EU gestalte en vorm gaven en geven. Zoals ze dat tot dusverre gedaan hebben en doen, voorspelt een weinig florissante ontwikkeling van die EU en dus van de weeromstuit, weinig zegenrijke invloeden vanuit die EU, ook op Nederland.

“[T]he formula the major powers once applied to the Third World – declare a financial crisis, appoint a supposedly neutral board of economists to slash social services, reallocate even more wealth to the richest 1 percent, and open the economy to even more pillaging by the financial services industry – is now being applied at home, from Ireland and Greece to Wisconsin and Baltimore.”
David Graeber (2013:108): The Democracy Project

Europa verkeert in de derde fase van haar ontwikkeling: ze is gijzelaar van en gekidnapt door de financiële piranha’s, die haar (en dus ons, burgers) gebruiken als melkkoe en speeltje. De politici hebben de facto weinig tot niets meer in de melk te brokkelen en mogen alleen de schijn ophouden en de toneelstukjes opvoeren om ons bij de neus te nemen. Vandaar de opkomst en furore van de flapdrollen, figuranten en potsierlijke platte paljassen  – denk bijvoorbeeld aan iemand als Silvio B., al beschikt die over een aanzienlijke dosis boerenslimheid.

De eerste fase van Europa was die van het idealistische utopistische project, amateuristisch in elkaar gestoken door oligarchen die de verschrikkingen van tenminste een wereldoorlog hadden meegemaakt. Daarna kwam de tijd van de potsierlijke Pinokkio’s, de megalomane politieke amateur-entrepreneurs met de grote auto’s voor grote ego’s, voor wie Europa een snoepwinkel was die vooral particuliere carrièremogelijkheden bood. Zij lieten de boel in ijltempo tot een onoverzichtelijke en onhanteerbare entiteit verloederen, zodat het de financiële plunderaars weinig moeite kostte een voet tussen de deur te krijgen en de touwtjes in handen te nemen. Zodoende zitten wij nu met de gebakken peren.

“The EU began as an oligarchy, it continues oligarchic, and the oligarchs see no reason to alter their practices or their ambitions. No previous empire that I can think of, certainly not that of the Romans or the British, not even the French, carried centralization quite so far. It is the oligarch project to end all oligarch projects, entered into in a spirit of careless vainglory and with no thought of who its casualties might be if things went wrong. Now we have suffered the predictable and widely predicted, crisis that has blighted the lives of the poorest people in the poorest members of the eurozone, just as it was bound to. …
A single interest rate can never be appropriate for seventeen hopelessly divergent economies. … The oligarchs in Brussels and Frankfurt, unconstrained by the rancid breath of public opinion, went on preening themselves like modern Charlemagnes while the debts and the unemployment figures went on rising to intolerable levels. …
By the time this book comes out, the eurozone crisis may be resolved by several of its weaker members withdrawing from it. Or all seventeen of them may still be limping on together. Neither outcome is appetizing.”
Ferdinand Mount (2012: 198-199): The New Few, or a Very British Oligarchy

Dat Nederlandse neoliberons – dus inclusief het PvdA politieke establishment – het Rijnlandse model snel op de schroothoop willen schuiven en het Angelsaksische systeem tot zaligmakende standaard en maat verheffen (zonder besef van implicaties en consequenties), was geen geheim. Dat zulks echter op zo’n gênant opvallende manier plaatsvindt, getuigt van een schrijnend en groot gebrek aan intelligentie, creativiteit, gezonde fantasie en innoverende inventiviteit bij dat politieke establishment.
Niet verwonderlijk dus dat een politiek personage (overigens een uiterst sympathieke privépersoon) zonder politieke visie of idee voorman is van het clubje onder die kaasstolp, daar in het Haagse.

zie: Ross McKibbin (2013): Anything but Benevolent: on the remodelling of the welfare state in de London Review of Books vol. 35, nr. 8, pp. 3,5

Lectuur:

Aristoteles: Poëtica / vertaling N. van der Ben en J.M. Bremer / uitgave 2012, Amsterdam: Athenaeum – Polak & Van Gennep / ISBN 978 90 253 0207 8 Grieks-Engelse editie: S.H. Butcher (1951) / New York: Dover / ISBN 0-486-20042-6

Alan Arwine and Lawrence Mayer (2013): The Changing Basis of Political Conflict in Advanced Western Democracies. The Politics of Identity in the United States, the Netherlands, and Belgium   / New York: Palgrave Macmillan / ISBN 978-1-137-30664-7 (hbk) / hoofdstuk 3 (pp. 46-70): The Netherlands: Politics in a Fragmented Culture

Michael Billig (2003): Political Rhetoric / hoofdstuk 7, pp. 222-250 in the Oxford Handbook of Political Psychology (2003); David o. Sears, Leonie Huddy and Robert Jervis (editors) / Oxford, New York etcetera: Oxford UP /  ISBN  0-19-516220-X (pbk)

Wilfried van der Bles (2013): ‘Minder zorg, maar wel meer betalen’ in Trouw van 19 september 2013 http://www.trouw.nl/tr/nl/4500/Politiek/article/detail/3512361/2013/09/19/Minder-zorg-maar-wel-meer-betalen.dhtml

James Kenneth Galbraith (2008):  The Predator State: How Conservatives Abandoned the Free Market and Why Liberals Should, Too / New York: Free Press (Schuster) /  ISBN 978-1-4165-7621-1 (pbk)

David Graeber (2013): The Democracy Project: a history, a crisis, a movement  /  New York: Spiegel & Grau / ISBN 978-0-553-84098-8 (pbk) / ISBN e-book: 978-0-679-64600-6

W.F. Hermans (1974/1964): Het sadistische universum  / Amsterdam: De Bezige Bij /  ISBN 90 234 0120 4 / hierin pp. 106-127

Robert B. Horwitz (2013): America’s Right: Anti-Establishment Conservatism from Goldwater to the Tea Party  / Cambridge – UK, Malden – USA: Polity Press / ISBN-13: 978-0-7456-6429-3 / hoofdstuk 4: Two Generations of Neoconservatism (112-156); hoofdstuk 6: Dogmatism, Utopianism, and Politics (202-210)

Fredric Jameson (1981): The Political Unconscious. Narrative as a Socially Symbolic Act / London: Methuen / ISBN 0-416-31370-1 (hbk); hierin met name hoofdstuk 1: “On Interpretation”, pp. 17-102 & hoofdstuk 6: “The Dialectic of Utopia and Ideology”, pp. 281-299

Ross McKibbin (2013): Anything but Benevolent: on the remodelling of the welfare state in de London Review of Books vol. 35, nr. 8, pp. 3,5

David McKnight (2013/2012): Murdoch’s Politics. How one man’s thirst for wealth and power shapes our world / London, New York, etcetera: Pluto Press / ISBN 978 0 7453 3346 5 (pbk)

Een lastig gesprek – Advies Commissie Behoorlijk Bestuur – september 2013 /  http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/rapporten/2013/09/11/een-lastig-gesprek-advies-commissie-behoorlijk-bestuur.html

Ferdinand Mount (2012): The New Few, or a very British oligarchy / London, New York etcetera: Simon & Schuster / ISBN  978-1-84737-800-2 (hbk)

Jim Sidanius and Robert Kurzban (2003): Evolutionary Approaches to Political Psychology hoofdstuk 5, pp. 146-181 in the Oxford Handbook of Political Psychology / ISBN  0-19-516220-X (pbk)

De troonrede van 17 september 2013, zoals die staat op de website van het Ministerie van Algemene zaken / http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/prinsjesdag/documenten-en-publicaties/toespraken/2013/09/17/troonrede-2013.html

Jean Wagemans in de Volkskrant van 19 september 2013: ‘Troonrede een gortdroog verhaal? Het is een ijzersterke politieke speech’ / http://www.volkskrant.nl/vk/nl/11184/Jean-Wagemans/article/detail/3512507/2013/09/19/Troonrede-een-gortdroog-verhaal-Het-is-een-ijzersterke-politieke-speech.dhtml

Peter Winch (1972): Ethics and Action / London: Routledge & Kegan Paul  /  ISBN 0 7100 7438 7 (hbk)

Slavoj Zizek (2009): First as Tragedy, then as Farce / London, New York: Verso / ISBN-13: 978-1-84467-428-2  (pbk)

Comments are closed.