Feed on
Posts
Comments

Zóóó’n meloen!

 

‘Wordt hij eigenlijk gevlooid, denk je? ‘s – Avonds, als iedereen naar huis is en niemand het ziet en de gordijntjes voor de ramen van het torentje toe zijn getrokken? Alle ministers om de beurt: vlooien, de hand kussen, en de bevoorrechten mogen een schoudermassage geven. Maar dan moet je wel een hele smerige streek hebben uitgehaald. Klaas D. misschien?‘

–  ‘Je hebt het over de Haagse apenrots en meneer Rutte? Best geestig. Hoe kom je hier zo op.’

‘Nou vanwege dat stuk van Bert Keizer in de Trouw, over die gorilla op de Apenheul. Die moest na te zijn begraven, worden opgegraven op bevel van een andere gorilla, in Brussel. Daar hebben ze namelijk ook een apenrots, maar dan een héééle dure.’

–  ‘Nou, en toen? Het zijn apen, okay, net als wij.  O, ik zie het al, je zag deze foto’s? Ja, ja. Op deze zegt ‘ie: “Zo’n meloen! Ik heb die sullige Segers zo’n meloen laten doorslikken.” Of hij zegt: “Grijpen wat je kunt! Morgen kun je wel dood zijn!” ‘

‘Bijvoorbeeld. En op deze zit ‘ie te midden van z’n harem, met de grijns van een kater die net de kanarie opgepeuzeld heeft. Kijk maar, sluip, sluip en dan: “Kip – of kanarie – ik heb je! ” Krrrrrk, het nekje omgedraaid. De man is een en al Begeisterung, zeg nou zelf.’

–  ‘Kater? Harem? Begeisterung? Nou ja, whatever. Dat stukje van Bert Keizer, over die andere aap, dat is best boeiend zeg. Alleen vraag ik me af wat die mevrouw Judith Sargentini van die namen zou zeggen: Bongo, Bao Bao, M’Zungu, Wimbé, Mapasa en Jambo. Dat zijn geen namen die je in de Achterhoek of in de Peel iedere dag tegenkomt. Ook niet in Brussel, weet ik bijna zeker. Maar dat komt natuurlijk omdat het exoten zijn. Die verstaan alleen exotische namen. Denk ik althans.’

‘Dat ook, dat ook, ongetwijfeld, maar ook vanwege de marketing denk je niet? Een gorilla die Janneke heet of Gertjan, daar komen de mensen niet zo gauw voor.’

– ‘Maarre, zijn er geen voetballers die M’Zungu en Mapassa heten? Die krijgen vaak bananen toegegooid, door het publiek. Toch? Die mensen zijn natuurlijk nooit op de Apenheul geweest.’

‘Ach, weet je ze staan toch voor aap. Hoe je het ook bekijkt. Alleen beroerd voor ons dat ze achter de knoppen zitten. Daarmee zeten ze ons doorlopend voor aap.’

–  ‘Dat komt door ons belabberde onderwijs. Als je als kind al met de paplepel krijgt ingegoten: aap, noot, Mies, dan blijft dat je hele leven in je genen gegrift. Daarom stemmen we ook braaf op ze. We weten gewoon niet beter.’

‘In je genen gegrift. Ja, vast. Zeg, kun jij eigenlijk een beetje goed vlooien?’

– ‘Had je dat gehoord? Broodje aap.’

 

 

 

Comments are closed.