
Ai + ChatGPT > 🧭 Wanneer is besloten om individuele ‘palmares’ van artsen niet langer openbaar te maken?
Er is geen moment geweest waarop Nederland expliciet heeft besloten om een eerder openbaar systeem van individuele chirurgische resultaten of fouten af te schaffen — omdat zo’n systeem nooit officieel heeft bestaan.
Wat wél bestond, was:
– Anonieme publicatie van tuchtmaatregelen (tot 2016).
– Vanaf 1 juli 2016: openbaarmaking van tuchtmaatregelen mét naam van de zorgverlener in het BIG‑register.
Maar: ➡️ Nooit zijn volledige individuele complicatiecijfers, succespercentages of foutregistraties van chirurgen publiek toegankelijk geweest in Nederland. ➡️ De overheid en beroepsgroepen hebben bewust gekozen voor transparantie op instellingsniveau, niet op individueel artsniveau.
🩺 Waarom kun je niet zien welke chirurg welke fouten heeft gemaakt?
De belangrijkste redenen zijn:
1. Tuchtrecht is het enige systeem dat individuele fouten openbaar maakt
Sinds 2016 kun je in het BIG‑register zien of een arts een maatregel heeft gekregen (berisping, schorsing, doorhaling). Maar:
– Alleen ernstige of structurele fouten leiden tot tuchtrecht.
– De meeste medische incidenten worden niet via het tuchtrecht afgehandeld.
– Veel fouten zijn complicaties, geen verwijtbare fouten.
Bron: BIG‑register maakt blunders openbaar.
- Nederland kiest bewust voor ‘openheid in de behandelrelatie’, niet voor publieke naming & shaming.
De KNMG‑richtlijnen (2007, 2010, 2012) en de GOMA‑richtlijn benadrukken dat artsen open moeten zijn naar de patiënt, maar niet dat hun volledige track record openbaar moet zijn. Deze richtlijnen sturen op:
– openheid richting de patiënt zelf
– leren van incidenten binnen teams
– veiligheidscultuur
Bron: Richtlijnen openheid over medische fouten.
🔍 Wil je dat ik voor jou uitzoek hoe je wél kunt achterhalen hoe een arts presteert?
Ik kan je helpen met:
– hoe je tuchtmaatregelen van een specifieke arts opzoekt
– hoe je kwaliteitscijfers van ziekenhuizen vindt
– hoe je complicatiepercentages per type operatie kunt vinden
– hoe je een chirurg objectief kunt beoordelen ondanks het gebrek aan palmares

🧭 1. “Ziekenhuizen hebben geen vast bestand aan behandelaren” – klopt dat?
Niet helemaal, maar je observatie raakt wél een reëel probleem.
🟦 Wat klopt er wél
– Veel medisch specialisten zijn tegenwoordig vrijgevestigd en werken in maatschappen.
– Ze kunnen wisselen tussen ziekenhuizen, vooral binnen een regio.
– Sommige ziekenhuizen huren zzp‑chirurgen of waarnemers in.
– Bij fusies of reorganisaties verschuiven teams regelmatig.
🟥 Wat níet klopt
– Chirurgen “zwerven” niet willekeurig rond.
– De meeste specialisten zijn jarenlang verbonden aan één ziekenhuis of één ziekenhuisgroep.
– Voor complexe ingrepen (oncologie, vaatchirurgie, traumachirurgie) zijn er strikte volumenormen en teamverplichtingen.
Maar: ➡️ Kwaliteitscijfers worden inderdaad op ziekenhuisniveau gepubliceerd, terwijl de uitvoerende artsen kunnen wisselen. ➡️ Daardoor is het voor patiënten lastig om individuele kwaliteit te beoordelen.
🧭 2. Hoe kun je een chirurg tóch objectief beoordelen?
Er is geen perfect systeem, maar er zijn wél manieren om een verrassend goed beeld te krijgen. Hier zijn de vijf betrouwbaarste methoden, in volgorde van kracht.
⭐ 1. BIG‑register: tuchtmaatregelen en beperkingen
Dit is de enige plek waar je officiële informatie over fouten of maatregelen vindt.
Je ziet daar: 1) berispingen, 2)schorsingen, 3) doorhalingen, 4)opgelegde beperkingen (bijv. “mag geen operaties meer uitvoeren”)
Het is beperkt, maar wel 100% betrouwbaar.
⭐ 2. Ervaringen van patiënten – maar dan slim gebruikt
ZorgkaartNederland is geen kwaliteitsmeter, maar je kunt er wél patronen uit halen:
Let op:
– Aantal waarderingen (meer = betrouwbaarder)
– Consistentie (veel 8–9’s is beter dan een mix van 1’s en 10’s)
– Specifieke opmerkingen over communicatie, nazorg, complicaties
Vermijd: 1) Reviews met alleen “aardige arts”, 2) Reviews zonder context, 3) Reviews die over het ziekenhuis gaan i.p.v. de arts.
⭐ 3. Vraag naar de volumenormen van de arts
Dit is de meest onderschatte, maar zeer krachtige indicator.
Voor veel operaties geldt een minimum aantal per jaar, bijvoorbeeld:
– borstkankerchirurgie
– darmkanker
– aneurysma’s
– heup- en knieprotheses
– bariatrische chirurgie
Een chirurg die:
– veel van een bepaalde ingreep doet
– in een gespecialiseerd team werkt
– in een ziekenhuis met hoge volumes opereert
…heeft aantoonbaar betere uitkomsten.
Je mag dit gewoon vragen: “Hoeveel van deze operaties voert u jaarlijks uit?” “Hoeveel doet uw team?” “Voldoet u aan de volumenormen?”
Een goede chirurg antwoordt hier open en rustig op.
⭐ 4. Kijk naar het type ziekenhuis
Ziekenhuizen verschillen sterk in expertise.
Een chirurg in een topklinisch of academisch centrum opereert doorgaans in een omgeving met betere protocollen, meer ervaring en betere complicatieopvang.
⭐ 5. Vraag naar complicatiepercentages – maar per type ingreep
Je kunt dit gewoon vragen. Artsen zijn verplicht om hierover open te zijn naar hun eigen patiënten.
Voorbeeldvragen:
– “Wat is het complicatiepercentage voor deze ingreep in uw team?”
– “Hoeveel re‑operaties zijn er gemiddeld nodig?”
– “Hoeveel infecties komen voor bij deze procedure?”
Je krijgt dan meestal teamcijfers, niet individuele cijfers, maar dat is nog steeds waardevol.
🧭 4. Samenvatting
– Ziekenhuizen publiceren kwaliteitscijfers, maar artsen kunnen wisselen → dat maakt het lastig.
– Er is geen individueel palmares en dat is een bewuste beleidskeuze.
Toch kun je een chirurg redelijk objectief beoordelen via: 1) BIG‑register, 2) volumenormen, 3) ziekenhuisniveau, 4) teamcijfers, 5)patiëntpatronen.
🧭 Als je wilt, kan ik je helpen een checklist te maken om een chirurg te beoordelen
Of ik kan je helpen:
– een specifieke arts op te zoeken
– volumenormen voor een bepaalde ingreep te vinden
– kwaliteitscijfers van een ziekenhuis te interpreteren.

🟦 De samenleving is wantrouwender geworden.
Niet alleen in de zorg. Overal: overheid, banken, media, bedrijven. En wantrouwen werkt besmettelijk: als je het op één terrein voelt, sijpelt het door naar andere domeinen.
🧠 En dan komt jouw observatie: wantrouwen kost tijd
Luhmann heeft daar een prachtige, bijna pijnlijke zin over: “Vertrouwen reduceert complexiteit.”
Als vertrouwen wegvalt, komt die complexiteit terug. Dan moet je alles zelf controleren. En dat is precies wat jij beschrijft:
– de fietsenmaker
– de tandarts
– de chirurg.
Het zijn allemaal situaties waarin je afhankelijk bent van iemand die meer weet dan jij, en waarin je geen directe controle hebt.
🌱 Misschien is dit de echte vraag die onder jouw woorden ligt.
Niet: “Hoe beoordeel ik een chirurg?” Maar: “Hoe kan ik nog vertrouwen in een systeem dat mij geen echte middelen geeft om te vertrouwen?”
En dat is een terechte, menselijke vraag. Geen cynische, maar een kwetsbare.

🧠 Waarom werkt dat in de zorg zo anders dan bijvoorbeeld in de bouw?
Omdat de zorgsector in Nederland is gebouwd op drie aannames:
1. Artsen moeten fouten kunnen melden zonder angst voor reputatieschade.
Dit is het “veilig melden”-principe. Het idee is: als fouten openbaar worden, melden artsen ze niet meer.
2. Complexiteit maakt individuele beoordeling moeilijk.
Een chirurg die moeilijke patiënten opereert, lijkt slechter dan iemand die alleen makkelijke gevallen doet. Dus: geen individuele cijfers.
3. De beroepsgroep beschermt zichzelf.
Artsen, ziekenhuizen en beroepsverenigingen hebben decennialang gelobbyd tegen individuele transparantie. Niet uit kwade wil, maar uit een diep geloof dat het systeem anders niet werkt.
Voor de patiënt voelt dat vaak als:
“Iedereen is verantwoordelijk, dus niemand is het.”
🧩 En dan kom jij met een heel praktische observatie.
Wanneer vertrouwen ontbreekt, moet je alles zelf controleren. En dat is precies wat je níet kunt als je ziek bent.
Je vergelijking met de fietsenmaker en de tandarts is raak: het zijn situaties waarin je afhankelijk bent van iemand die meer weet dan jij, en waarin je geen directe controle hebt.
Dat is geen cynisme. Dat is gewoon nuchter, zakelijk en realistisch.
